Welkom

Welkom op onze nieuwe medische pagina. Wij zijn er trots op dat onze website steeds uitgebreider wordt en dat we u zo over steeds meer dingen kunnen informeren.

Deze pagina zal steeds worden uitgebreid, en aangepast. Heeft u vragen over de onderwerpen die hier vermeld worden, of wilt u iets anders weten dan kunt u een mail sturen naar medisch@hondenopvang.com en dan zullen wij proberen uw vraag zo goed mogelijk te beantwoorden. Het is absoluut niet de bedoeling dat wij hier de 'dierenartspraktijk' proberen te vervangen. U moet ten alle tijden naar uw eigen dierenarts gaan als er iets mis is met uw huisdier. We willen u informeren over algemene dingen. Heeft u vragen, tips of suggesties dan horen wij dat natuurlijk ook graag.

Deze pagina komt tot stand door de hulp van Anita Pennings en Willeke Koppelaar.

- Informatie over Hartworm
- Informatie over Demodex
- Informatie over Teken
- Informatie over Tandsteen
- informatie over Anaalklieren
- Informatie over Vlooien
Voor- en nadelen van de castratie van een teef

-  Baarmoederontsteking bij de teef
-  Virusziekten bij de hond 1
-  Virusziekten bij de hond 2
-  Oogoperatie Lili


naar boven
Hartworm
- Door Anita Pennings



Hartworm is een bepaalde worm (Dirofilaria immitis) die kan voorkomen in het lichaam van uw hond.
Helaas komt Hartworm ook voor in Bosnie en daarom willen we u bekend maken met deze ziekte.
Mocht u uw hond verdenken van klachten kunt u het beste contact opnemen met uw dierenarts om hier meer zekerheid over te krijgen.

Besmetting

Hartworm wordt overgebracht van hond tot hond via de bloedzuigende muskiet. Als een besmette hond gestoken wordt door een mug, zuigt deze bloed met microscopische kleine wormpjes, microfilarien. Deze microfilarien groeien door in de maag van de mug. De mug steekt een andere hond en brengt via de steek de microfilarien in het lichaam van deze hond. Via het bloed laten ze zich meevoeren naar het hart waar ze zich vastzetten, uitgroeien tot volwassenen en microfilarien produceren. Als er veel wormen in het hart zitten functioneert het niet meer goed en krijgt de hond klachten.
Aangezien de ziekte dus alleen via de muskiet overgebracht kan worden en deze niet in Nederland voorkomt, hoeft u niet bang te zijn dat uw hond de ziekte kan overbrengen op uw andere huisdieren.

Symptomen

Er treden klachten op doordat de wormen beschadigingen veroorzaken aan de wand van het hart en de grote longslagaders.
In het eerste stadium van de ziekte heeft de hond bijna geen symptomen. Het uithoudingsvermogen vermindert en er wordt een keertje gehoest. Later treden er ernstigere klachten op, zoals gewichtsverlies, leververgroting, vocht in de buikholte en ademhalingsproblemen. Bloedarmoede kan het gevolg zijn van beschadiging van rode bloedcellen en nierbeschadiging.
Als het hart ernstige beschadigingen oploopt, kan de hond uiteindelijk overlijden.

Diagnose

Bij klachten ga je natuurlijk naar de dierenarts.
De ziektesymptomen wijzen op een hartaandoening en op een foto van de borstholte worden vaak de verwijde longslagaders al gezien samen met vocht in de longen en een vergroot hart.
Daarnaast kan de diagnose nauwkeuriger worden gesteld met behulp van een echografie, het maken van een ECG (Electro Cardiogram) en bloedonderzoek.
In bloeduitstrijkjes kunnen soms de kleine larfjes worden waargenomen en er bestaan sinds enkele jaren bloedtesten, die de aanwezigheid van larfjes kunnen aantonen.

Behandeling

Er zijn 2 manieren om de hond te behandelen tegen hartworm.
De ene is dat je de hond behandeld met injecties immiticide in de spieren. Deze injecties doden de wormen. Deze behandeling is echter niet zonder risico’s, omdat de dode wormen in de bloedbaan terecht komen. Er kan dan een verstopping in de aders (trombose) komen met de dood tot gevolg. En het hart kan door de plotselinge dood van alle wormen gaan lekken, wat een snelle dood tot gevolg kan hebben. Daarom wordt er niet zo vaak voor deze behandeling gekozen.
De andere behandeling is met Stronghold pipetjes.
Elke maand geef je de hond een pipetje waardoor de larfjes dood gaan. De volwassen wormen kunnen tot 7 jaar leven en zullen vanzelf dood gaan.De dode wormen sterven langzaam en 1 voor 1 waardoor er niet zo een groot gevaar is om een verstopping in de ader te krijgen. Jaarlijks testen kan de behandeling verkorten.


naar boven
DEMODEX (canis)


Demodex wordt ook wel puppyschurft genoemd. Het is een vorm van schurft die bij volwassen honden net zo goed voorkomt als bij pups.
De naam puppyschurft is dus eigenlijk niet correct maar wordt nog altijd gebruikt.

Deze schurft wordt veroorzaakt door Demodexmijt. Een mijt is een spinachtige parasiet die met het blote oog niet zichtbaar is.
Deze mijt leeft op of in de huid. Het graaft gangetjes in de huid wat jeuk en irritaties en dus ook ontstekingen veroorzaakt.


               Demodex mijten

De vrouwelijke vorm van de mijt legt eitjes in de huid van uw hond. De eitjes komen binnen een paar dagen uit, en na 1 tot 3 weken zijn ze uitgegroeid tot volwassen mijten.
Vaak is het zo dat veel honden deze mijt bij zich dragen maar dat het geen klachten geeft. Pas als de hond last heeft van een verminderde weerstand kan de mijt klachten veroorzaken. De mijt komt dan ook in veel grotere aantallen voor als normaal.
Vandaar dat het vaker bij pups voorkomt omdat hun weerstand nog niet optimaal is bij de geboorte. Ze krijgen het dan vaak van de moeder mee die overigens zelf nergens last van hoeft te hebben.
Ook kan het zo zijn dat er een soort van erfelijke aanleg is voor het ontvankelijk zijn voor demodex.

De klachten zijn:

Kale plekken op de kop (rondom de ogen. op de wangen en rond de mond), hals en binnenzijde voorpoten. Soms zijn er enkele korstjes, schilfers en/of rode plekken te zien, soms zien we etterende pukkels, veroorzaakt door bacteriën.
Bij een chronische infectie komen over het hele lichaam rode plekken voor (door secundaire bacteriële infecties).
We zien dan bijna een volledig kale huid bezaaid met korstjes, schilfers en etterende pukkels.
Je hebt 2 soorten Demodex: De lokale vorm en de gegeneraliseerde vorm.

Bij de lokale vorm zie je dat de huid plaatselijk aangetast is. Meestal de kop, snuit en poten.
Er is dan duidelijk een kale plek te zien.
Soms is er ook jeuk bij, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn.
Bij deze vorm van demodex is er 90% kans op complete genezing.

De gegeneraliseerde vorm kan over het hele lichaam voorkomen. Deze is een stuk moeilijker te genezen.
Er komt haaruitval voor met of zonder jeuk. Maar meestal wordt er wel veel jeuk gezien.
De hond kan zich hierdoor erg beroerd voelen.
Er kunnen ook ontstekingen ontstaan aan de huid, op het moment dat deze behandeld worden met anti biotica lijkt het beter te gaan. Helaas is het zo dat alleen de ontstekingen aangepakt worden en niet de mijt zelf. Als je stopt met de anti biotica dan komt de mijt harder terug omdat de weerstand van de hond nog iets meer is terug gevallen. Het is dus altijd belangrijk om tegelijkertijd met een middel te behandelen tegen de demodex zelf.

Hoe stel je een diagnose:
Om er achter te komen of de hond Demodex heeft maakt de dierenarts een afkrabsel van de huid. Dit moet vrij diep gebeuren. Dit afkrabsel wordt dan onder de microscoop bekeken. Aan de hand hiervan kan de dierenarts zien of er wel of geen mijt aanwezig is.

 
Honden met extreme vorm van Demodex
Behandeling

Voor behandeling moet u altijd overleggen met uw dierenarts. Ga nooit op eigen houtje experimenteren!!!

Omdat demodex alleen voorkomt bij honden met een verminderde weerstand kan het ook belangrijk zijn om uit te vinden waarom deze honden zo een slechte weerstand hebben. En natuurlijk om ervoor te zorgen dat de weerstand weer verbetert.
Het kan zijn dat er een ziekte sluimert, maar het kan ook door een stressvolle verandering zijn zoals de overgang van Bosnië naar Nederland.
Belangrijk is om hier naar te kijken en niet alleen de demodex te behandelen.

In sommige gevallen van een heel klein plekje bij een jonge hond kan het zo zijn dat het niet nodig is om de hond te behandelen. De hond kan er als het ware overheen groeien als hij ouder wordt en zijn weerstand verbetert. De hond kan eventueel homeopathisch ondersteund worden.
Blijft het niet bij een klein plekje of is de hond al ouder (ouder dan 1 jaar) dan wordt behandeling wel aangeraden.

Om de demodex te behandelen is het soms nodig om langharige honden kaal te scheren. De huid kan dan beter behandeld worden. De behandeling moet doorgezet worden tot men er zeker van is dat er geen levende mijt of eitjes meer aanwezig zijn.
Dit kan zeker 4 tot 6 weken duren nadat alle klachten verdwenen zijn. Stop je eerder dan is de kans groot dat de demodex weer terugkomt.

De behandeling wordt vaak ingezet met Ectodex. 1 – 3 x met tussentijd van 1 week wassen.
Eventueel in combinatie met anti biotica als er ontstekingen aanwezig zijn.
Dit is een behoorlijk agressief middel.

Ook wordt er gesproken over demodexolie, deze zou niet alleen de demodex aanpakken maar ook de ontstekingen en zou niet zo giftig zijn als de ectodex.
Eventueel kun je ondersteuning bieden op homeopathische basis om de weerstand van de hond te verhogen aangezien een verminderde weerstand de demodex de kans geeft om verder te gaan.
Dit kan door middel van bv Echinaforce van Dr. Vogel.

Er zijn ook dierenartsen die behandelen met Ivermectine (stronghold) (nooit aan collies of collieachtige honden, bobtails en shelties geven!!)
Een behandeling van 1 tot 3 ampullen in de nek met 3 à 4 weken ertussen.


Besmettelijkheid

In principe is Demodex niet besmettelijk voor andere gezonde honden.
Demodex mijt komt overal in de omgeving voor en is geen belasting voor uw gezonde hond. Het kan zelfs zijn dat 1 pup uit een heel nest demodex heeft terwijl de rest er geen last van heeft.
Aangezien Demodexmijten gastheer specifiek zijn kunnen mensen deze vorm van demodex (demodex canis) niet krijgen.
Er zijn wel andere vormen van demodex die mensen kunnen krijgen, maar dus niet via de hond.


naar boven

TEKEN

Wat zijn teken?


Foto: http://www.dierenkliniekdewetering.nl/nieuws/inhoud.html
Deze teek is volgezogen met bloed.

Teken zijn spinachtige beestjes die leven van het bloed van hun gastheer. Het zijn dus parasieten.
Ze zijn vrij klein om te zien, van een halve mm tot enkele mm's groot. Als ze bloed opzuigen worden ze groter, maar zelden groter dan een cm.

Er zijn verschillende soorten teken. Sommige teken zijn onschuldig maar er zijn ook teken die ziektes kunnen overbrengen waarvan de bekendste de ziekte van Lyme is. Maar ook andere ziektes zoals Babesiose en Ehrlichia kunnen door teken worden overgedragen. Lyme komt helaas gewoon in Nederland voor. Babesiose komt in Nederland zeer zelden voor en Ehrlichia komt alleen voor in de zuidelijke landen.

Waar zitten die teken?


Teken zitten vooral in bomen en struiken en kunnen u en uw hond daardoor vrij gemakkelijk bijten. Ze laten zich uit bomen vallen op u of uw hond.

Ook kunnen ze in het gras zitten waar u of uw hond doorheen loopt. Ze bijten zich dan het liefst vast op plekjes die zacht, vochtig en warm zijn.

Daarom zijn ze niet altijd even makkelijk te vinden. Ze kunnen in de oren kruipen, maar ook tussen tenen of vingers. Juist bij honden met een lange vacht zijn ze vaak moeilijk terug te vinden. Ze kunnen enkele uren maar soms ook dagen blijven zitten tot ze zich vanzelf weer los laten. Maar hoe langer ze zitten hoe groter de kans op besmetting met een ziekte is.

Hoe voorkom je een tekenbeet?


Om tekenbeten bij mensen te voorkomen kun je het beste kleding dragen met lange mouwen en een lange broek.

Hoe meer blote huid je hebt, hoe groter de kans is dat je gebeten wordt.

Ook kun je beter niet door het hoge gras lopen op plekken waarvan je weet dat er teken kunnen voorkomen.

Voor honden zijn er allerhande beschermende middelen om het de teek moeilijker te maken om te bijten.

Onder andere tekenbanden en sprays die tegen teken en vlooien werken. Maar het beste kunt u ook nog de hond na elke wandeling controleren zodat de teek zo snel mogelijk verwijderd kan worden. Hoe sneller de teek er af is hoe kleiner de kans op besmetting met een ziekte.

Hoe verwijder je een teek?


Het verwijderen van teken is bij mensen en honden hetzelfde.
Er zijn verschillende manieren om teken te verwijderen. Je hoort soms dat mensen de teken verdoven met alcohol voor ze ze verwijderen.

Maar dit kun je beter niet doen. De teek kan misselijk worden en gaan braken. Het gif zit in het speeksel en komt op die manier dus in het lichaam van u of uw hond.

Beter is het om de teek net achter de huid te pakken met een tekentang of een breed pincet, de teek een halve slag te draaien en er uit te trekken.

Als je een volle teek eruit trekt let dan op dat je hem niet platdrukt, wat bijvoorbeeld kan gebeuren als je hem met je vingers eruit trekt.

Je kan dan zijn maaginhoud eruit duwen waardoor zijn gif alsnog in het lichaam van u of uw hond gespoten wordt. Heel soms blijft de kop van de teek achter.

Let erop dat dit niet gaat ontsteken! Het beste kun je de plek waar de teek verwijderd is even ontsmetten met jodium of alcohol.


Hier de tekentang maar er kan ook een gewoon pincet met brede kop gebruikt worden.

Ziektes die door teken overgebracht kunnen worden.

Lyme: De ziekte van Lyme is een ziekte die bij mens en dier voor kan komen.
Op het moment dat je door een besmette teek gebeten wordt en je de teek verwijdert moet je de plek van de tekenbeet goed in de gaten houden.

Bij honden ontstaat er vaak alleen een bultje dat weer snel verdwijnt, soms ontstaat een rode plek maar dat is vaak moeilijk te zien vanwege de beharing.

Bij mensen kan er binnen 1 tot 3 weken een vreemde rode plek ontstaan. Lyme kan aandoeningen van gewrichten, huid, zenuwstelsel en hart veroorzaken.

Er zijn 3 stadia die de ziekte doorloopt.


In het eerste stadium ontstaat binnen 1 tot 3 weken een grote rode kring rond de bijtplek van de teek. Of bij honden dus alleen een bult die weer verdwijnt.

In het tweede stadium kunnen na weken tot maanden klachten ontstaan zoals pijn in de armen of benen, hoofdpijn, dubbel zien en een aangezichtsverlamming, waardoor het ooglid niet meer sluit en de mondhoek hangt. Heel zeldzaam komen ook hartklachten voor.

Bij honden ontstaan klachten als mank lopen,gewrichtsontstekingen, neurologische verschijnselen, jeuk op de bijtplek, sloomheid en koorts.

Deze klachten komen door aantasting van het zenuwstelsel, gewrichten en het hart.

Zonder behandeling kom je in het derde stadium, de klachten worden erger en in zeldzame gevallen kan het zelfs tot de dood leiden.

Een behandeling tegen de ziekte is in bijna elk stadium te beginnen. Het is een behandeling met anti biotica. Bijna in alle gevallen slaat de anti biotica aan en is de ziekte volledig te genezen. Maar hoe sneller je erbij bent hoe minder groot de kans is op blijvende klachten.

Babesiose: Deze ziekte komt meestal alleen in de zuidelijke landen voor.Maar helaas zijn er in Nederland ook gevallen bekend van besmette honden die nog nooit in het buitenland waren geweest.Na het bijten door een met Babesiose besmette teek heb je een incubatietijd van 1 à 2 weken. De honden worden lusteloos, vallen af, krijgen koortsaanvallen, een versnelde pols en ademhaling en een bepaalde vorm van bloedarmoede. Ook kan de hond bloed gaan plassen, dit komt doordat de bloedparasiet zich hecht aan de rode bloedcellen waardoor deze afsterven. De milt raakt vergroot. De grote hoeveelheden rode kleurstof (hemoglobine) worden via de urine afgevoerd waardoor de hond rode urine plast. Zonder behandeling kan de hond een chronische vorm ontwikkelen wat vaak tot de dood leidt. Behandeling met imidocarb dipropionaat (Carbesia®) wordt door Utrecht aangeraden.


naar boven

TANDSTEEN EN TANDVERZORGING

Tandsteen is de benaming voor de bruine aanslag die we op het gebit van onze dieren kunnen aantreffen. Het bestaat uit resten voedsel, zouten uit het speeksel en afgestorven bacteriën. Voor ons is het meest opvallende verschijnsel een onfrisse adem en een vies gebit.
Vooral bij uw buitenlandse hondjes kan er nogal vaak wat mankeren aan het gebit omdat deze hondjes nooit goede voeding hebben gehad.


Tand met tandsteen

Heel soms zie je bij een hond dat het glazuur bijna helemaal weg is, de tanden hebben dan geen bescherming meer en zijn soms ook anders van vorm.
Deze tandbeschadiging kan komen omdat de hond als pup hondenziekte heeft gehad.
Bij deze aandoening kunt u weinig doen om het gebit helemaal in orde te krijgen.

Tandbeschadiging door hondenziekte


Tandsteen wordt gevormd op het glazuur van het gebit, vooral op de overgang van tand naar tandvlees. Het werkt zich als een wig onder het tandvlees. Het tandvlees raakt ontstoken en de wortels van tanden en kiezen komen bloot te liggen. Het gebit komt hierdoor los te zitten. Door deze ontsteking in de mondholte gaat uw dier onaangenaam ruiken uit zijn bek. Ondanks al deze narigheid hebben de dieren meestal weinig problemen met kauwen, tenzij ook de grote scheurkiezen aangetast zijn. Soms kunnen bacteriën uit een ontstoken mond het lichaam binnendringen en elders klachten geven. Berucht hierbij zijn tussenwervelschijf- en hartklep-ontstekingen.

De enige manier van behandelen bestaat uit het verwijderen van het tandsteen.
Hiervoor zijn speciale krabbertjes in de winkel te koop waarmee u zelf de aanslag van de tanden kunt krabben. De meeste honden vinden dit niet plezierig maar laten het goed toe. Daarnaast helpt regelmatig poetsen meer aanslag voorkomen.
Soms laat de hond het absoluut niet toe of krijgt u de aanslag met de krabber niet los dan kunt u het bij uw dierenarts laten doen. Dit gebeurt meestal onder narcose. Als het tandvlees ontstoken is, dan krijgt de hond een kuur anti biotica.
Bijkomende klachten, zoals de eerder genoemde tussenwervelschijf- of hartklep-ontstekingen, moeten uiteraard ook worden behandeld.

Als u wilt voorkomen dat uw huisdier tandsteen krijgt moet u goed op zijn voeding letten. Hoe zachter het voedsel is (diners of blikvoer b.v.) des te makkelijker het dier tandsteen krijgt. Zorg dus voor een soort voedsel dat uw dier dwingt tot kauwen, dit houdt het gebit in conditie. Geef dus liefst harde brokken en laat de hond regelmatig op kluiven of botten kauwen. U kunt ook proberen om de tanden van uw dier te poetsen. Meestal laten ze dit na enige tijd goed toe. Er zijn hiervoor inmiddels speciale tandpasta's en tandenborstels in de handel, maar met een kindertandenborstel en peutertandpasta komt u al een heel eind. Als u een pup heeft, wen hem dan meteen aan tandenpoetsen, dan heeft u later minder problemen. Er bestaat ook speciale hondentandpasta met b.v. leversmaak. Deze is bij uw dierenarts verkrijgbaar. Normaal gesproken is het voldoende als u drie tot vier maal per week het gebit van uw huisdier verzorgt.


Een redelijk mooi gebit

naar boven

Anaalklieren

Soms zie je dat een hond met zijn kont over de grond schuurt of zich vooruit trekt met de voorpoten terwijl de kont over de grond schuurt. Men noemt dit sleetje rijden.
Een hond gaat sleetje rijden of schuren omdat hij jeuk en of pijn heeft.
Soms gaat de hond geen sleetje rijden maar bijten bovenop de kont. Ook dan is het goed om te kijken of hij een irritatie heeft op de plek waar hij bijt, of dat het toch van de anaalklieren afkomt.
Ook veelvuldig likken rondom de anus is een teken dat er iets niet in orde is.

Belangrijk is het om te kijken waar dit gedrag vandaan komt.

Aan de beide zijden van de anus bevinden zich anaalkliertjes. Deze zijn ongeveer zo groot als een erwt. In deze anaalklieren wordt een sterk ruikende stof aangemaakt.
Via afvoerkanaaltjes kan de vloeistof uit deze klieren naar buiten.
Elke keer als de hond gepoept heeft vallen er een paar druppels van deze stof uit, via de afvoerkanaaltjes.
Deze druppels ruiken zeer sterk en door deze geur uit te zetten bakenen honden hun territorium af. Vroeger roken de wolven door deze druppels over de ontlasting dat een bepaald gebied al bezet was door andere wolven en konden ze een ander gebied uitzoeken.
Heel soms kan een hond uit pure angst of paniek zijn anaalklieren leeg knijpen.

Soms raken de buisjes waaruit de druppels vallen verstopt waardoor de vloeistof zich ophoopt in de klieren. Deze worden dan groter en zullen irritaties veroorzaken.
Deze irritaties kunnen dan jeuk en of pijn zijn.
Als de hond dit gedrag, het sleetje rijden, bijten of likken, vaker vertoont dan is het belangrijk om een dierenarts te laten kijken of de anaalklieren verstopt zitten.
De dierenarts kan ze dan handmatig uitknijpen.
Doe je niets dan kunnen deze anaalklieren gaan ontsteken en in sommige gevallen openbarsten.
Dit moet natuurlijk voorkomen worden en daarom is het zo belangrijk om dit gedrag goed in de gaten te houden.

In sommige gevallen is uitknijpen niet voldoende door een ernstige ontsteking en zullen de anaalklieren operatief verwijderd moeten worden.

Sommige mensen knijpen zelf de anaalklieren van hun hond uit. Dit is natuurlijk mogelijk.
Maar als je niet weet hoe het moet kun je dit beter niet zelf doen. Als je het verkeerd doet of teveel kracht zet kun je de anaalklieren kapot knijpen en komt de vloeistof in het lichaam vrij wat ook weer nare ontstekingen kan veroorzaken.
Ga dus niet zelf proberen als je niet precies weet hoe het moet.



naar boven

Vlooien

Vlooien zijn parasieten en leven van het bloed van hun gastheer. In dit geval de hond.
Ze springen op de hond, zuigen zich vol met bloed en laten zich daarna weer van de hond vallen.
Ze leven soms op de hond, maar ook gewoon in uw huis, in de vloerbedekking, in kieren en naden en in de hondenmanden.

De vrouwtjesvlo legt gemiddeld zo een 50 eitjes per dag in de eerste 3 weken van haar leven.
Deze eitjes vallen soms uit de vacht van de hond op uw vloerbedekking, in de auto etc.
Die eitjes komen na 1 a 2 dagen uit, er komen dan larven uit. De larfjes zijn ongeveer een halve cm lang. Ze kruipen in speeltjes en diep in de vloerbedekking.
Op die plekken gaat de larven verpoppen. De poppen kunnen dan 1,5 jaar leven in die staat.
Door trillingen komt de pop tot leven en is dan een volwassen vlo. Hoe warmer het is hoe sneller de ontwikkeling van ei tot vlo gaat.

Deze hondenvlooien kunnen niet leven op de mens zoals op de hond, maar ze kunnen mensen wel prikken.

Het bestrijden van vlooien is vaak moeilijk. Juist vanwege de larfjes die overal in kruipen en zich daar verpopt heel lang in leven kunnen houden.
Het is dus belangrijk dat je niet alleen de vlooien op de hond bestrijdt, maar dat je ook de hondenmand, de vloeren (zeker met vloedbedekking) goed schoonmaakt en evt insprayt met bestrijdingsmiddelen.

Sommige honden zijn overgevoelig voor vlooien en 1 vlooienbeet kan voor grote irritaties zorgen.
Deze irritaties komen door een overgevoeligheidsreactie op vlooienspeeksel. Om ervoor te zorgen dat het bloed van de hond niet meteen stolt na een beet spuit de vlo een beetje speeksel in de huid. Dit speeksel bevat een eiwit wat de bloedstolling remt. Sommige honden hebben echter een allergie voor dat eiwit waardoor er heftige jeuk ontstaat. 1 beet kan zorgen voor 5 tot 7 dagen jeuk!!

Er is een grote verscheidenheid aan vlooienbestrijdingsmiddelen op de markt die variëren van anti conceptie voor vlooien tot allerhande sprays druppels en poeders voor op uw hond of voor in huis.

Als je hond veel last van vlooien heeft dan moet je ook meteen de hond ontwormen. Vlooien kunnen namelijk lintwormen overbrengen.


naar boven

Voor- en nadelen van de castratie van een teef

-Door Willeke Koppelaar


Normale ovaria verwijderd

De termen sterilisatie en castratie worden in de diergeneeskunde nog wel eens foutief gebruikt. Dit mede door de humane geneeskunde waar wel gesproken wordt over sterilisatie en castratie.
Bij honden is het zo, dat alle dieren worden gecastreerd. Dit houdt in dat de eierstokken, respectievelijk teelballen in zijn geheel verwijderd worden.
Hierdoor is het dier dus niet alleen steriel geworden, maar is ook de productie van geslachtshormonen stil gelegd.
Bij teven is er dan nog de keus van de baarmoeder wel of niet verwijderen.
Wanneer de arts enkel de eierstokken (ovaria) verwijdert spreken we van een ovarioectomie. De baarmoeder blijft hierbij zitten en zal verder bijna nooit problemen geven.
Van een ovariohysterectomie spreken we wanneer de arts ook de baarmoeder verwijdert.
Welke methode gebruikt wordt is voornamelijk afhankelijk van hoe de baarmoeder eruit ziet en de leeftijd van het dier.

De cyclus van de teef is een complex proces. Wanneer besloten is de teef te castreren moet het juiste tijdstip hiervan bepaald worden wanneer zij al eens loops geweest is. In de regel is dit 3 maanden na de loopsheid. Op dat moment is het lichaam in rust en is de kans op bloedingen tijdens de operatie relatief klein.
Uiteraard kan om medische redenen afgeweken worden van deze tijdsregel.

De cyclus kunnen we in 4 gedeelten opsplitsen.

Anoestrus (duurt drie maanden):
Ook wel de rustperiode genoemd. De vulva lippen zijn klein.
Pro-oestrus (negen dagen)
In deze fase begint de loopsheid, welke gekenmerkt wordt door een bloederige uitvloeiing uit de vulva. De vulva lippen zijn sterk opgezet en de teef zal de neiging hebben om weg te lopen. Dekking is nog niet mogelijk.
Oestrus (negen dagen)
Tijdens de oestrus vindt de eisprong plaats. De bloederige uitvloeiing kan in deze fase lang doorgaan, soms stoppen en neemt in de meeste gevallen in de loop van deze fase af.
Metoestrus (twee maanden)
De Metoestrus begint op het moment dat de teef zich niet meer toegankelijk opstelt tegenover de reu. De uitvloeiing stopt en de vulva lippen zullen weer slinken.
Voordelen van castratie van een teef:

-Loopsheid preventie.
Het dier zal niet (meer) loops worden en het dier zal niet meer drachtig kunnen worden.
Uiteraard kan dit ook voorkomen worden door een anti loopsheid injectie, deze hebben echter zeer veel medische nadelen waardoor gebruik van deze middelen zeker niet de voorkeur heeft.

-Verlaging van de kans op melkklier tumoren.
Dit voordeel wordt het best gehaald wanneer een teef voor de eerste loopsheid gecastreerd wordt, maar wil men nog enig profijt hebben dan dient de teef in elk geval voor de 2e loopsheid steriel gemaakt te zijn. Melkklier tumoren (tumor mammae) zijn veelal kwaadaardig en worden voornamelijk door geslachthormonen aangemaakt.
Dieren die voor deze 2e loopsheid gecastreerd zijn hebben tot 7x minder kans op de vorming van tumoren rond de mammae dan hun soortgenoten die later of niet gecastreerd zijn.


Baarmoederontsteking

-Voorkomen van baarmoederontsteking.
Dit verschijnsel ontstaat onder invloed van hormonen uit een “Cysteuze Endometrium Hyperplasie (CEH) “ Door progesteron wat na elke ovulatie (eisprong) geproduceerd wordt door de ovaria kan het slijmvlies in de baarmoeder gaan verdikken en cysteus worden. Wanneer dit veranderde weefsel ontstoken raakt ontwikkeld zich hierdoor wat we noemen een baarmoederontsteking of pyometra.
Wanneer er dan niet snel medisch ingegrepen wordt kan dit erg gevaarlijke situaties opleveren soms zelfs met dodelijke afloop.
Het moge duidelijk zijn dat hoe vaker een hond loops is geweest hoe groter de kans wordt op een baarmoederontsteking. Er komt immers herhaaldelijk progesteron vrij.

-Voorkomen van schijndracht.
In de natuur is schijndracht een heel normaal verschijnsel. In een roedel van wolven worden namelijk enkel de alfa teven ( hoogste in rang) gedekt en zij mogen pups krijgen. Alle andere teven worden schijndrachtig zodat zij de alfa teef kunnen “helpen” met het voeden van de pups.
Bij de gedomesticeerde huishond is dit echter niet meer van belang en is schijndracht naast de onplezierige kant ook nog een extra trigger voor het vormen van melkklier tumoren.

-Voorkomen van suikerziekte.
Progesteron kan het dierlijke lichaam ongevoelig maken voor insuline. Hierdoor is de kans op suikerziekte bij een ongecastreerde teef groter dan bij wel gecastreerde soortgenoten.

Nadelen van castratie van de teef:

-Onomkeerbaar.
Eenmaal uitgevoerd kan een castratie niet meer terug gedraaid worden. Het is daarom belangrijk dat u er zeker van bent van uw zaak en achter de beslissing staat.

-Gewichtstoename.
Na castratie heeft een teef wat meer aanleg dik te worden. De taak van de eigenaar is dan ook om dit te voorkomen! Het is namelijk een fabeltje dat ALLE gecastreerde dieren dik zouden worden. Het kan noodzakelijk zijn het dier wat minder voeding te geven.

-Urine incontinentie.
Na castratie kan een hormonaal geïnduceerde urine incontinentie optreden. Dit gebeurd in 10-15% van de gevallen. Bepaalde rassen lijken gevoeliger te zijn voor dit verschijnsel.

-Verandering van vachtstructuur.
In een klein aantal gevallen wil verandering van de vachtstructuur optreden bij voornamelijk langharige rassen. Hierdoor kan het voorkomen dat de vacht moeilijker te onderhouden wordt.

-Verandering van gedrag.
Dit kan zowel als voor- als nadeel gezien worden. Dominante teven zullen mogelijk wat minder dominant worden, rustige teven kunnen wat pinniger/feller worden.


naar boven

Baarmoederontsteking bij de teef

Zoals hierboven al besproken komt bij de niet gecastreerde teef regelmatig baarmoederontsteking voor.
Ook wel pyometra genoemd. “pyo” staat voor pus en “metra” voor het Latijnse uterus wat baarmoeder betekent.

Allereerst komt een baarmoederontsteking ( pyometra) het meest voor ongeveer 6-9 weken na een loopsheid.
Dit doordat in die periode het slijmvlies van de baarmoeder weer dun wordt en wat vocht afscheidt daarbij. Wanneer er bacteriën bij dit vocht komen en zich nestelen in de baarmoeder van de hond kan dit grote gevolgen hebben.

De meest voorkomende symptomen van een pyometra zijn sufheid en algemeen ziekbeeld, veel drinken en veel plassen, braken, koorts, uitvloeiing (niet altijd!) en soms is zelfs een toenemende omvang van de buik zichtbaar.

Nu kunnen we een pyometra onderverdelen in 2 soorten
- met gesloten cervix ( baarmoedermond)
- met open cervix

De open cervix
Bij deze vorm zien we vrij veel uitvloeiing uit de vulva welke kan variëren van groen/gelig tot rood/bruin.
Ondanks dat de teef dit grotendeels zelf zal weglikken is dit symptoom maar moeilijk te missen zowel in de vacht als op bijvoorbeeld het kleed. Daarnaast ontstaat er ook een zeer penetrante geur door al deze bacteriën.

De gesloten cervix
In tegenstelling tot de open cervix hebben we hier niet te maken met uitvloeiing.
Hierdoor loopt de baarmoeder vol met pus waar het niet weg kan. Wanneer er niet snel ingegrepen wordt zal het dier erg snel achteruit gaan en kan in het ergste geval binnen 36 uur doodgaan. Vooral door de vrijkomende toxines die het lichaam vergiftigen en op die manier de nieren kapot maken.

In beide gevallen bestaat de kans dat door de druk op de baarmoeder deze “knapt”.
Daarom is het zaak dat er snel chirurgisch in gegrepen wordt waarbij de gehele baarmoeder en eierstokken verwijderd zullen worden. Een pyometra moet dan ook altijd gezien worden als spoedgeval!
Een enkele keer kan men proberen met medicijnen de ontsteking de kop in te drukken maar dit werkt veelal niet voldoende en na een kuur zal de ontsteking de kop weer opsteken.

Ga bij twijfel dus altijd langs uw dierenarts. Beter 1x te veel dan 1x te laat……


naar boven

Virusziekten bij de hond 1

Canine Parvo Virose = Parvo

Dit zeer immune virus staat nauw in verband met het kattenziekte virus, kruisbesmetting is echter niet mogelijk. Het is bijna ongevoelig voor zowel fysische als chemische invloeden en daardoor moeilijk uit te bannen.
Het virus verspreidt zich voornamelijk via de mond en de ontlasting van het besmette dier.

De meeste infecties zien we bij pups van 8-14 weken, maar ook volwassen, niet gevaccineerde honden lopen gevaar.
De tijd tussen besmetting en het zichtbaar worden van de eerste symptomen is 2-4 dagen.
Deze symptomen bestaan voornamelijk uit herhaald braken, bloederige diarree en een erg pijnlijke buik. Verder zijn de dieren sloom, willen niet eten/drinken en zeker bij kleine honden en pups is het risico op uitdroging groot.
Een 2e variant komt voor bij dieren onder de 3 maanden. Deze tast ook de hartspier aan waardoor de dieren erg benauwd worden en een piepende ademhaling krijgen.

Middels een ontlastingtest is het virus aan te tonen, maar een behandeling, behalve symptomatisch en met ondersteunende middelen, is er niet.
Ook bij deze ziekte is preventie middels vaccinatie de belangrijkste bestrijding.


Canine Parvo Virose

Canine Papillomatose = wratten

Een virus wat wratten in en rond de bek veroorzaakt. De incubatietijd bedraagt 4-8 weken
De wratten beginnen veelal op de lippen en hebben een “bloemkoolachtig” uiterlijk. Vervolgens breiden ze zich uit in de bek en in de keelholte.
In een enkel geval zien we moeilijk eten en een stank uit de bek. Maar verder zijn deze wratten ondanks hun besmettelijke karakter vrij onschuldig en verdwijnen vaak spontaan weer na 1-5 maanden door opgebouwde immuniteit.


Canine Papillomatose

Hepatits Contagiosa Canis = HCC ( Besmettelijke leverziekte/ziekte van Rubarth)

Het virus is vrij resistent en weinig gevoelig voor temperatuurschommelingen.
HCC komt voornamelijk voor bij jonge honden.
De incubatietijd is 2-7 dagen, waarbij infectie via de mond of luchtwegen tot stand komt.
HCC vermeerdert zich op de slijmvliezen, tonsillen en lymfeklieren waarna het via het bloed doorgaat naar de meest gevoelige organen van het hondenlichaam.
Uitscheiden gebeurt middels urine, faeces en speeksel.

De meeste symptomen zijn niet specifiek en bestaan voornamelijk uit hoge koorts, braken, diarree, anorexia en een pijnlijk abdomen voornamelijk ter hoogte van de lever, later ook gevolgd door huidbloedingen.
Misschien is het meest opvallende nog wel het melkglasoog wat vaak optreedt. Dit houdt een witte troebeling van het cornea hoornvlies in en verdwijnt doorgaans weer spontaan.

Behandeling van HCC kan enkel symptomatisch, wat inhoudt, dat we alleen de symptomen kunnen behandelen. Het lichaam zal zelf moeten vechten tegen het virus. Een dier wat de eerste dagen overleeft heeft een redelijke kans op genezing. Wel kunnen we secundaire bacteriële infecties (als gevolg van HCC) bestrijden met antibiotica kuur.

Beter is uiteraard vaccineren. Maar de definitieve vaccinatie tegen HCC mag pas in de 13e week gegeven worden ivm maternale antistoffen van de moeder. Tot die tijd moet dus opgepast worden met contact tussen soortgenoten.


Melkglasoog

Hondenziekte = ziekte van Carre

Nauw verwant is het hondenziektevirus aan dat van het mazelenvirus.
De incubatietijd bedraagt 3-15 dagen en wordt overgedragen via alle lichamelijke afscheiding van dieren (oogvocht, neusvocht, speeksel, urine, fecaliën). Het virus is niet resistent in de buitenlucht en verspreidt zich dan ook vooral door rechtstreeks contact tussen dieren.
In de eerste fase van de ziekte heeft de besmette hond meestal koorts, een lopende neus, bindvliesontsteking en een gebrek aan eetlust. Vervolgens kunnen er spijsverteringsproblemen (diarree), ademhalingsmoeilijkheden (hoesten, longontsteking), huidproblemen (puisten, abnormale groei van de huid aan de zoolkussentjes en de snuit) en zenuwklachten optreden.
Dit laatste uit zich op verschillende manieren: beven, ongewilde spiersamentrekkingen en verlamming die vaak begint aan de achterste ledematen.
Als het dier deze zenuwproblemen overleeft, kan hij echter nog de gevolgen hiervan blijvend ondervinden.
Een vaccinatie welke bestaat uit het menselijke mazelenvirus biedt een tijdelijke bescherming en roept kruisimmuniteit op. Dit houdt in dat het mazelenvaccin de aanmaak van antilichamen hiertegen oproept welke ook kunnen dienen als antilichamen tegen het hondenziektevirus.
De definitieve vaccinatie gebeurt op een leeftijd van 3-4 maanden.


Hondenziekte (aangetaste delen)

Hondsdolheid = Rabiës

Naast dat dit virus besmettelijk is voor een tal van diersoorten is het ook besmettelijk voor de mens! Besmetting vindt plaats door een beet van een besmet dier waarbij infectieus speeksel in de wond komt.
De incubatieperiode varieert van 8 dagen tot ruim een jaar. Dit is afhankelijk van hoever de beet van de hersenen af is. Hoe dichterbij de hersenen hoe korter de incubatietijd.
De uiterlijke verschijnselen kunnen we verdelen in 3 stadia.


Rabiës

A: Stadium melancholicum
We zien toenemende karakterveranderingen: een levendig dier wordt rustig en treurig en omgekeerd. Vaak hebben de honden jeuk op de plaats waar zij gebeten zijn en gaan daarin zover dat ze zichzelf op die plek verwonden. De speekselproductie neemt toe.

B: Stadium excitationis
De verschijnselen van onrust worden steeds heftiger en er treden aanvallen van woeste opwinding op. Veel dieren gaan, eenmaal losgebroken, zwerven en bijten alles wat ze tegenkomen. Ook zie je vanaf dit stadium verlammingsverschijnselen in de vorm van proberen te blaffen zonder dat geluid geproduceerd kan worden en slikbezwaren.

C: Stadium paralyseos
De verlammingsverschijnselen worden duidelijker en uiten zich verder in verlamming van de onderkaak, tong en oogspieren. Ook de pootspieren raken steeds verder verlamd waardoor het dier uiteindelijk uitgeput zal blijven liggen. De meeste honden in dit stadium sterven binnen 5 dagen.
In meer dan 50% van de gevallen wordt stadium B echter overgeslagen en spreken we van een stille hondsdolheid.

De enige manier om Rabiës te voorkomen is vaccineren en een strenge regelgeving omtrent het in- en uitvoeren van dieren.

Infectieuze tracheabronchitis = Kennelhoest


Para influenza virus

De 2 virussen die voornamelijk verantwoordelijk zijn voor kennelhoest zijn het Para-influenza virus en het Canine Adeno virus. Daarnaast is er ook een bacterie genaamd Bordetella Bronchiseptica verantwoordelijk voor bepaalde vormen van kennelhoest.


Bordetella Bronchiseptica

Vaak zien we kennelhoest bij dieren die regelmatig op plaatsen komen waar veel honden bij elkaar komen, zoals tentoonstellingen en uitlaatvelden.
De symptomen bestaan uit een droge hoest die met aanvallen komt. Soms ook neus- en ooguitvloeiing. Ook zijn de tonsillen vaak opgezet, evenals de lymfeknopen in het keelgebied en heeft het dier koorts.
Besmetting vindt plaats door het opnemen en inademen van ziektekiemen.
Afhankelijk van de ernst van de symptomen zal een behandeling ingesteld kunnen worden die ook hier voornamelijk is gericht op de secundaire infecties. Ook kan een hoestdrank of zelfs hoestonderdrukkend middel gegeven worden.


Canine adeno virus bij kennelhoest


naar boven

Virusziekten bij de hond 2

Corona

Een betrekkelijk nieuwe ziekte die vaak in samenhang met Parvo genoemd wordt.
Dit omdat ook Corona de symptomen als braken, bloederige/slijmerige diarree en niet meer eten vertoont.
De overdracht van het virus vindt plaats door besmette ontlasting.
De genezingskans van deze ziekte ligt hoger dan bij Parvo, maar toch bezwijken ook aan dit virus vele pups.


Corona virus

Canine herpesvirus = CHV

Dit virus maakt vooral slachtoffers wanneer pups in de leeftijd van 1-3 weken zijn.
De redenhiervan is dat hele jonge pups hun lichaamstemperatuur maar moeilijk zelf kunnen regelen, en dit virus het best gedijt bij temperaturen rond de 37 graden. Uiteraard speelt ook de nog onvoldoende afweer van de zeer jonge pups een rol bij het verloop van de ziekte.
De symptomen betsaan voornamelijk uit benauwdhed,neusuitvloeing, niet of minder drinken, groene diarree en veel jammeren.
Wanneer we naar de buik van de pup zouden kijken vallen vaak kleine bloedinkjes op welke ook voorkomen op de slijmvliezen.
In het ergste geval gaan we ook hersenverschijnselen zien waarna de pup zal sterven. Zieke pups gaan in de regel binnen 24-48 uur dood.

Besmetting gaat via volwassen honden die wel drager zijn van het virus maar geen ziekteverschijnselen vertonen. Hierbij zien we besmetting voornamelijk bij de dekking
Het virus heeft zijn onderkomen in slijmvliezen van ademhalings- en voortplantingsorganen.
Dit heeft als gevolg dat pups op 3 manieren kans lopen op infectie.
A: voor de geboorte via de placenta
B: direct na de geboorte via vaginale uitscheiding van een besmette teef bij de geboorte
C: via vocht uit de neus bij de teef na de geboorte
Een nieuw vaccin waarmee een drachtige teef kan worden geïnjecteerd zou besmetting in het nest doenvoorkomen. Via de biest krijgen pups dan antilichamen tegen het virus binnen waardoor een betere bescherming gerealiseerd wordt. Daarnaast is het belangrijk dat de pups gehouden worden bijeen temperatuur rond de 38.5 graden daar het virus zich hierbij moeilijker vermenigvuldigd en een kleinere overlevingskans heeft. Verder is vaccineren ook tegen deze ziekte van groot belang bij honden in het algemeen
.


Canine herpesvirus