Verslag Bosnië reis van Renée van Sprundel
Op vrijdag 16 april was het dan zover. Het Bosnië avontuur, waar ik al zo lang naar had uitgekeken begon!
Om kwart voor 6 s’ochtends bij een tankstation langs de A12 kwam de groep bij elkaar. Na een kennismaking zijn we begonnen aan de 1400 km op weg naar Bosnië.
Ik had in eerste instantie een beetje opgezien tegen de lange autorit, maar achteraf was het zo voorbij. Ik zat samen in de auto met Tanja en Alma. Het was best wel spannend bij de grenzen van Slovenië, Kroatië en Bosnië, waar af en toe een van de vier auto’s open werd gemaakt. Echter, bij het zien van al die benches en dekens etc. gaven de douane beambten het vrij snel op en mochten we doorrijden. Later bleek dat Henny (die vanwege de aswolk de auto had genomen) nog het langst bij de grens van Bosnië had gestaan vanwege het vergeten van de groene kaart. Gelukkig is ook hij met wat hulp van Lydia uiteindelijk de grens over gekomen. Achteraf gezien een avontuurlijke reis voor iedereen op zijn of haar eigen manier.
Toen we in het hotel in Orasje aankwamen was ik erg verbaasd. Het was een mooi en schoon hotel, waar eigenlijk niets van armoede in te herkennen was. Na even bij elkaar gezeten te hebben met een kopje thee en alle indrukken van de reis uitgewisseld te hebben, heb ik heerlijk geslapen.
De eerste ochtend in Bosnië hebben Alma, met wie ik een kamer deelde, nog eens alle operaties waarvan we dachten dat we ze tegen konden gaan komen nog eens doorgesproken. Na het ontbijt zijn we vertrokken naar het asiel. Toen ik het terrein opliep zag ik overal om me heen blaffende en springende honden. In alle soorten en maten en de meeste veel leuker om te zien dan sommige rashonden in Nederland. In een gebouwtje bij het asiel was een operatiekamer gemaakt waar ik samen met Henny, Harris (Bosnische dierenarts) en Alma mocht gaan werken. Nedim en Ymke zorgen ervoor dat de hondjes in slaap gingen en vooral ook bleven. Alles verliep soepel en er hing een gezellige sfeer. Ik moest alleen wel wennen aan de operatietafel die afgestemd was op de lengte van Henny, waardoor ik net met mijn neus boven de tafel uitkwam.
Maar goed, voor alles is een oplossing en iedereen zat dus te opereren op een biobak (wat overigens voor mij ook een hele klim was om erop te komen). Iets anders waar ik even aan moest wennen was de wc. Dit was een luxe gat in de grond waarbij je om door te kunnen spoelen even water bij de pomp moest halen.
Aan het eind van de eerste dag opereren ging ik moe maar zeker voldaan terug naar het hotel. S’ avonds zijn we met de groep in het hotel gaan eten. Een hoofdgerecht kostte slechts 5 KM, wat omgerekend 2,50 euro is. Er werd verteld dat de mensen in Bosnië 1 euro per uur verdiende en dat er zeer veel werkeloosheid is. Ik besefte dat het mooie hotel alleen maar een mooie eerste indruk was en dat er wel degelijk armoede was. De mensen proberen het alleen niet te laten zien. Wat hebben wij het in Nederland dan toch ongelofelijk goed.
Zondag zijn we opnieuw naar het asiel in Orasje gegaan om te opereren. Deze dag waren er ook twee Bosnische dierenartsen bij die ook een paar dieren zouden opereren. Ik had gehoord dat een dierenarts in Bosnië niet te vergelijken is met een dierenarts uit Nederland. De Bosnische dierenartsen kunnen normaal gezien niet opereren en ze moeten dat dus zelf zien te leren. Het eerste deel van de zondag hebben Alma en ik (vooral vanwege tekort aan plaats om te opereren) dan ook vooral besteed aan het observeren van de nieuwe Bosnische dierenartsen.
Maandagochtend vroeg zijn we op weg gegaan naar Zenica, waar we omstreeks half 10 in de ochtend aankwamen. Op de weg van Orasje naar Zenica waren op veel plaatsen nog overblijfselen zichtbaar van de oorlog, bijvoorbeeld in de vorm van kogelgaten in de huizen. Het is moeilijk voor te stellen hoe deze tijd geweest moet zijn, maar de overblijfselen uit die tijd hebben in ieder geval veel indruk op me gemaakt.
In Zenica was het heel anders dan in Orasje, behalve de wc dan die ook slechts bestond uit een luxe gat in de grond met wel de luxe dat je door kon trekken. In Zenica werden de straathonden gevangen voor ons en als we ze geopereerd hadden, werden ze (als ze het aankonden) na 48 uur weer op de straat gezet. De geopereerde honden kregen allemaal een rabiësvaccinatie en een oormerk zodat iedereen op straat kon zien dat de betreffende hond tegen rabiës was gevaccineerd en was gesteriliseerd of gecastreerd.
In Zenica mochten we opereren in een ruimte van de lokale dierenartspraktijk. Echter de mensen van deze dierenartspraktijk waren niet heel erg blij met ons, aangezien zij niets met ons project te maken hadden en zelf niet konden opereren. Op een dag wilden Alma en ik een extra tafel van hun lenen, en er was ons verteld dat dit goed was. Echter, toen we de tafel wilden meenemen kwam een van de medewerksters van de praktijk naar ons toe en ze begon in het Bosnisch tegen ons te praten inclusief enkele handgebaren. Aangezien wij geen Bosnisch verstonden hebben we lief naar de mevrouw gelachen en Nedim gehaald om voor ons op te treden als tolk. Nedim vertelde ons dat hetgeen de vrouw tegen ons vertelde in het kort “ Piss off! “ was!
In Zenica opereerden we de eerste dagen met z’n drieën (Harris, Alma en ik) omdat Carstien, de extra dierenarts die nog zou komen, niet kon vertrekken in verband met de aswolk en Henny weer terug naar huis was.
Ik had verwacht dat de straathonden in Bosnië erg mager zouden zijn, maar het tegendeel was waar. Veel honden waren best nog wel dik en wat ook opviel was dat er veel drachtige dieren en dieren met een beginnende baarmoederontsteking waren. Daarnaast hadden de reuen in Bosnië echt veel grotere testikels dan de honden in Nederland, waarschijnlijk als gevolg van het straathondenbestaan.
Regelmatig werden er in Zenica ook aangereden straathonden binnen gebracht. Meestal was het wel duidelijk dat er sprake was van een botbreuk, maar aangezien het dichtstbijzijnde röntgenapparaat in Sarajevo stond moesten we het enkel doen met ons lichamelijk en orthopedisch onderzoek. De botbreuken konden in de meeste gevallen helaas niet geopereerd worden waardoor sommige honden bleven “ lopen “ met een nare botbreuk waarvan werd gehoopt dat deze weer aan elkaar zou groeien. Met euthanasie hadden de mensen in Zenica erg veel moeite. Ze hielden zoveel van elke straathond dat ze het heel moeilijk vonden om deze keuze te maken. Ik zelf had hier wel moeite mee omdat ik vind dat een hond moet kunnen spelen en rennen zonder pijn te hebben. Zeker in het geval van een straathond die voor alles, dus ook zijn eten en drinken, op zichzelf is aangewezen. Harris, de Bosnische dierenarts , vertelde dat hij het wel met mij eens was, maar dat hij deze discussies niet meer aan wilden gaan omdat hij dan werd afgeschilderd als boeman. Op dinsdagmiddag werden alle indrukken en de vermoeidheid, me dan ook even teveel. Maar na een korte time out en een goed gesprek met Tanja kon ik er weer tegenaan.
Het opereren in Zenica was zeer gevarieerd en elke dag ging het ook beter en werd het leuker. We waren een echt team geworden en wanneer er weer een hond geopereerd was, lag er weer een volgende klaar om mee te kunnen beginnen. Wanneer er een dier wakker dreigde te worden stonden gelijk Ymke of Nedim klaar om te helpen en ook de operatiesetjes werden in korte tijd grondig schoon en weer steriel gemaakt door Henriet. Tanja en Layla zorgden ervoor dat alles in de operatiekamer gesmeerd liep. Toen Ymke dan ook werd gebeten en dus even niet meer kon helpen was dit dan ook direct te merken.
Op woensdag kwamen Carstien en Elisabeth het team versterken. Weer een nieuwe dierenarts betekende weer een nieuwe techniek om te steriliseren. Aan het einde van de week hadden Alma en ik dan ook van drie technieken 1 gemaakt.
Vrijdagmiddag was het tijd om weer uit Zenica te vertrekken. Moe, maar zeker voldaan zijn we inclusief twee hondjes uit Zenica die we mee naar Nederland wilden nemen terug naar Orasje gereden. Een van de twee hondjes was Idefix die was aangereden in Bosnië. Omdat Idefix in Bosnië geen kans had, heb ik besloten haar mee te nemen naar Nederland om verdere diagnostiek te kunnen doen en indien mogelijk haar een nieuw leven in Nederland te kunnen bieden. Omdat Idefix erg veel pijn had en het dus moeilijk was om haar pijnvrij te kunnen vervoeren, heeft Suze haar hoofdkussen voor Idefix opgeofferd. Idefix lag dan ook prinsheerlijk zacht op het hoofdkussen van Suze in een bench in de auto op weg naar Orasje.
Moeder en zusje van Idefix
Terug in Orasje zagen we de mensen weer die niet mee waren gegaan naar Zenica. De groep was weer compleet. Zaterdag zijn we vroeg in de ochtend terug naar het asiel in Orasje gegaan omdat er nog een aantal belangrijke dingen moesten gebeuren. Er waren inmiddels 14 honden uitgekozen om mee te nemen naar Nederland. Alle honden uit het asiel moesten ook nog worden ontvlooid. Dit was echt een flinke klus omdat een deel van de honden nogal bang waren en dus liever in hun hok wegkropen waar wij er niet bij konden komen. Halverwege het ontvlooien ben ik nog met het hondje van Henriet (Iza) wat was meegenomen uit Zenica even naar de dierenartspraktijk gegaan. Iza had een kaal plekje bij haar oog en ik wilde met een microscoop kijken of ik een oorzaak kon vinden. Het bleek demodex te zijn, maar gelukkig was het nog lokaal. Toen ik de dierenarts vroeg om een behandeling voor demodex gaf hij een geheel andere behandeling dan ik geleerd had in Nederland. Ik vind het nog steeds wel verbazend dat er zo’n verschil in dierenartsen van Nederland en Bosnië zit en ik heb de behandeling dan ook maar niet mee genomen.
Toen alles in het asiel gedaan was zijn we teruggegaan naar het hotel om nog een paar uurtjes te kunnen slapen voordat de lange terugreis s’nachts zou beginnen.
Zaterdagavond om 8 uur zijn alle hondjes in de auto gezet en begon de terugreis. Het was aandoenlijk om te zien hoe emotioneel de eigenaresse van het asiel reageerde op het feit dat 14 van haar asielhondjes weg gingen.
Tijdens de terugreis naar Nederland brak er bij ons in de auto al vrij snel een hondje uit haar bench waardoor we langs de weg moesten stoppen om haar weer in de bench te kunnen stoppen. Na de bench aan alle kanten te hebben dichtgemaakt met tyraps, hebben we de reis verder voortgezet. Zondag om kwart voor 1 s’middags kwamen we aan in Eindhoven waar we zeer gastvrij werden ontvangen door 1 van de gastgezinnen. Dit was het einde van het Bosnië avontuur. Wat was het een geweldige tijd met zowel hoogte als dieptepunten, waarin ik in meerdere opzichten veel heb geleerd.
Indien mogelijk is het wat mij betreft zeker voor herhaling vatbaar!
Renee met Idefix