Verslag
bezoek Bosnië juli 2008 door Cokkie
Donderdagavond 25
juli brengt John mij om 18:30 uur naar het station.
Ik slaap een nachtje in Zaandam bij Suze en Fred om daarna om 5:00 uur
met Winan erbij naar Bosnië te vertrekken.
Dit is voor mij de derde keer dat ik naar Bosnië ga, maar deze
keer zal anders zijn dan de vorige twee trips.
Dit, omdat ik nu niet met de grote groep mee ben, maar we nu met zijn
vieren gaan en eerst naar de plaats Bihac zullen reizen waar we Elvira
gaan bezoeken.
Gelukkig heeft de auto van Fred airco, wat geen overbodige luxe blijkt
te zijn met temperaturen van 40 C.
’s Avonds tegen 00:00 uur komen we aan in Bihac waar we bij een
benzinepomp worden opgewacht door Elvira en Hari.
Vanwege wegomleidingen kwamen zij ons tegemoet omdat we anders het door
Elvira geboekte hotel nooit hadden kunnen vinden.
De volgende morgen
na het ontbijt gaan we naar het huis van Elvira en Hari.
Daar worden we welkom geheten door acht lieve hondjes.
Na een hoop geknuffel met de honden praten we honderduit met Elvira
en laat ze ons de grote tuin zien met het prachtige hondenverblijf.
Eén van de hondjes, Rex, een pupje van drie maanden oud trekt
onze aandacht.
Hij gaat vlak bij ons liggen, tegen de muur, in de schaduw van het tafeltje.
Hij lijkt het moeilijk te hebben, ademt alsof hij het benauwd heeft.
We horen van Elvira dat hij al drie dagen niet lekker is.
Zachtjes streel ik hem over zijn hoofdje en masseert Winan zijn nogal
opgezette buikje. Het gaat als maar slechter.
Als ik zie dat zijn tongetje wit wordt en hij het heel benauwd krijgt
bel ik gelijk Willeke in Nederland.
Als ik haar vertel dat hij heel moeilijk ademt en dat zijn tongetje
wit is hoor ik haar zeggen dat het te laat is, we kunnen niks meer doen.
Op datzelfde moment stopt die arme kleine Rex met ademen en ligt daar…..dood.
Dit kan niet waar zijn, nee, zeg alsjeblieft dat het niet waar is!
Elvira komt aangerend en kan het niet geloven, haar lieve kleine Rex……
Ik wil sterk zijn voor Elvira en de rest maar de tranen lopen over mijn
wangen.
Drie maanden geleden was zij bij een berg, een stuk verderop.
Daar werd voor de ogen van hondje Rex en zijn zusje Monica, hun moeder
doodgereden.
Elvira heeft de twee pupjes mee naar huis genomen en ze verzorgd.
Arme Monica, nu is zij nog alleen over.
We hebben samen met Elvira de kleine Rex begraven achter in de tuin,
achter het maïsveld.
Nu is er ook nog
Bobby, een ander klein pupje, zwak en ziek.
Toen ik hem zag schrok ik. Wát een zielig hoopje, die gaat het
niet halen, was het eerste wat ik dacht.
Gelukkig horen we een paar dagen later van Elvira dat Bobby een beetje
vooruit is gegaan en zelfs weer wat eet. Dit had ik nooit kunnen denken,
ik hoop maar dat hij het gaat redden.
Elvira vertelde ook nog dat ze een buurman heeft, een crimineel, en
hij moet niks hebben van honden.
Het stuk grond om haar huis heeft geen omheining en ze lopen wel eens
een stukje verder van het huis. Daar is de buurman niet zo van gediend
en heeft haar al gezegd dat als ze bij zijn huis lopen, dat hij ze dan
dood zal maken.
Ze doen werkelijk geen vlieg kwaad, dit snap je toch niet, wat zijn
dit voor mensen, hebben zij dan écht helemaal geen gevoel voor
dieren?
Rond 13:00 uur moeten
we echt gaan rijden want het is nog een heel stuk van Bihac naar Orasje.
We nemen afscheid van een hele verdrietige Elvira.
Zuti, een van de hondjes van haar mag met ons mee naar Orasje, dat heeft
ze met Svjetlana afgesproken.
De weg die we rijden vind ik heel indrukwekkend.
We zien resten van huizen wat ooit huizen zijn geweest, totaal kapot
geschoten in de oorlog.
Verwoest door granaten, er groeien zelfs bomen in de restanten die er
nog staan.
Dat geeft een naar gevoel. Ik zie zwerfhondjes langs de kant van de
weg.
Ach, hoe lang lopen ze hier al, hoelang hebben ze al niet gegeten?
Fred gooit wat eten en van schrik rent er eentje weg, zo bang dat we
hem wat zullen doen, arme stakker. Het liefst nemen we ze allemaal mee
maar dat gaat niet.
Dan zie ik iets op de weg liggen, nee toch?
Ik vraag aan Fred of ik het nou goed zag en helaas had ik het goed gezien.
Een akelig gevoel gaat door me heen, een platgereden hondje, in wat
voor rot land zijn we terechtgekomen?
Natuurlijk heb ik van de vele ervaringen van anderen gehoord maar toch,
als ik het hier met mijn eigen ogen zie dan besef ik des te meer hoe
erg het hier is.
Onderweg komen we
een schildpad tegen.
Er lopen mensen die op hem willen gaan staan.
Of het nou een soort van grap is of niet, Suze, Winan en Fred kunnen
het niet waarderen, wachten het dan ook niet af en maken de mensen duidelijk
dat ze niet goed snik zijn.
In een doosje met wat groen gaat de schildpad mee de auto in.
We noemen hem Rex en nemen hem mee naar Orasje.
Daar wordt Rex de schildpad vrijgelaten, in het meertje bij het asiel,
terug in de natuur.
Om 19:30 komen we
aan bij het huis van Yusuf en Svjetlana.
Ook dochter Lydia is thuis in Orasje, wat erg fijn is voor het vertalen
omdat haar ouders enkel een paar woorden Engels en Duits spreken.
Suze, Winan en Fred gaan nog even naar het asiel waar Svjetlana is.
Ik blijf met Lydia bij hondje Zuti en bij de hondjes van Svjetlana en
Yusuf.
Van Lydia krijg ik vast een rondleiding door het huis waar we de komende
week zullen logeren.
Als het drietal
terug komt krijg ik te horen dat Prle, het hondje met de drie pootjes,
het nieuwe hondje Canio (spaniel achtig) te pakken heeft genomen.
En niet zo’n klein beetje ook, hij had de snuit vast en liet die
niet meer los.
Zelfs niet toen Baan (medewerker asiel) de honden aan elkaar in de lucht
tilde.
Uiteindelijk, na wat emmers water, liet hij los. Een akelig begin dus.
Wat is er met Prle aan de hand? Svjetlana zit met haar handen in het
haar.
Ze weet niet wat ze met Prle aan moet, dit is te gevaarlijk, wie wordt
het volgende hondje? Hij is al langere tijd zo bezig. Maar hoe gaat
dit verder?
Deze gedachten houden me elke dag bezig.
Ik heb een zwak voor Prle.
Ik zou hem graag meenemen, hier een kans willen geven.
Maar ik kan hem jammer genoeg geen huis geven omdat ik er al twee heb
en één van de twee ongeveer net zo’n kronkel heeft
als Prle.
Na nog wat te hebben gepraat gaan we slapen, moe en met mijn gedachten
bij de afgelopen dag………..
Zondagmorgen om
08:15 uur met Suze, Fred en Winan ontbijten. Daarna gaan we naar het
asiel.
Daar worden we welkom geheten door alle honden en komen we er achter
dat we ons die ochtend net zo goed niet hadden hoeven wassen, dat doen
de hondjes wel, heerlijk om weer zo afgelebberd te worden, wat zijn
de hondjes blij!
Eerst alle hondjes aaien en knuffelen, dan rondkijken naar de veranderingen
die er zijn in het asiel na de laatste trip van april.
Dan gaan we aan de slag.
Fred stort zich op zijn blokhut, Suze gaat op zoek naar hondenpoep waar
ze niet ver voor hoeft te zoeken, Winan en ik gaan hokken schoonmaken.
Er zijn twee nieuwe puppiekennels bijgekomen, achter de bestaande puppiekennel.
Het nieuwe gedeelte van het asiel is voorlopig speelveld geworden.
Verder zijn er heel wat nieuwe hondjes gesignaleerd, waaronder vele
pups.
Ook is er een heel verdrietig bericht.
We zien de moederhond van de twee zusjes Tina en Megi niet.
We krijgen te horen dat zij door haar kennel heen, door twee andere
honden is gepakt, verscheurd en zij heeft dit niet overleefd.
Ik sta aan de grond genageld, sla mijn hand voor mijn mond, ik kan het
niet geloven, wat verschrikkelijk!
Als Lydia het ons verteld loopt Svjetlana weg, huilend, zij is er nog
steeds kapot van. Hoe heeft dit kunnen gebeuren, door de mazen van het
hek heen!!
Yusuf heeft de twee ‘daders’ meegenomen naar een boer waar
zij mogen blijven en waar voor ze wordt gezorgd.
In het asiel zou het te gevaarlijk zijn en de kans dat zoiets vreselijk
zich gaat herhalen is gewoon te groot.
Tina en Megi, de twee dochtertjes hebben we deze week extra verwend.
Niet te geloven…….
’s Middags
rond een uur of half twee gaan we naar huis waar Lydia een lunch heeft
gemaakt.
Vanwege de warmte (40 C) wordt er ’s middags een siësta gehouden
en gaan we om 17:30 uur weer terug naar het asiel, tot een uur of 21:00.
’s Avonds eten we dan ook pas rond een uur of 21:15 uur en ook
dan heeft Lydia weer gekookt.
Fred heeft met Baan
kruiwagens vol grond weggeschept om de grond achteraan te egaliseren,
een geul gegraven voor de waterafvoer achterin het asiel.
De grond is met 40 C niet om door te komen, keihard.
Ook heeft Fred al het droge voer uit de loods zoveel mogelijk in tonnen
gedaan.
(dit voor de muizenfamilie die daar op eigen initiatief is gaan logeren).
Samen met Suze heeft hij stukken gaas bevestigd bij de hekopeningen.
Daar gingen de pups namelijk doorheen en waren we elke dag bezig met
zoektochten.
Ook heeft hij met peurschuim de gaten van de opslag gedicht, voor zover
dat mogelijk was. (ook dit tegen de muizen)
Ook heeft Suus heeft stront geschept, ontelbaar veel emmers, er kwam
geen einde aan, heeft de nodige medicijnen/vitamines toegediend bij
sommige honden en Lassie behandeld, een hondje met een huidziekte, een
soort schurft.
Ook besprak Suze alles wat nodig was met Svjetlana, de dierenarts en
had contact met Wilma in Nederland en regelde alles voor de hondjes
die mee zouden gaan naar Nederland.
Winan en ik hebben ons op het schoonmaken van de hokken gestort, ook
daar kwam geen einde aan.
Met zijn drieën hielpen we Svjetlana ’s avonds om de honden
eten en nieuw water te geven, het schoonmaken van de etensbakken en
indien nodig weer de hokken.
De bange Josephine at al twee dagen haar eten niet, Svjetlana zag dat
het niet goed ging met haar en ging samen met Lydia naar de dierenarts
met haar.
De dierenarts dacht aan een tekenbeet en daardoor de ziekte van Lyme.
Er is bloed afgenomen en de uitslag zou nog komen. Ze heeft een middeltje
gekregen voor haar maag en na en dag was ze gelukkig opgeknapt.
Hondje Wilma (nu Guusje) was enorm gesteld op Yusuf.
Als hij met haar had geknuffeld en later weg liep dan blafte zij en
kwam boven alle honden uit, wat erg grappig was. Ze stopte als hij echt
uit het zicht verdwenen was en ze zeker wist dat hij niet meer terug
kwam.
Guusje was één van de hondjes die mee naar Nederland zou
gaan. De andere waren Edo, Jelena, Bundo, Lilly (pekineesachtige ) moeder
en haar vijf pups: Topper, Gabi, Jeany, Jolie en Slatsco.
Vrijdagochtend om
05:00 uur hebben we afscheid genomen, dikke tranen bij Svjetlana en
natuurlijk hield ik het ook weer niet droog.
Ze weet dat haar hondjes goed terecht komen, maar afscheid nemen doet
pijn.
Het is voor mij een week geweest die ik niet snel zal vergeten.
Ik heb nu met mijn eigen ogen een heel klein stukje gezien hoe het gaat
met de dieren in Bosnië.
Er zijn helaas nog zóveel honden die niet het geluk hebben om
in een asiel zoals Orasje terecht te komen.
Ik zeg speciaal een asiel zoals Orasje omdat ik bij een vorige trip
ook een ander asiel heb gezien, in een andere plaats.
Die beelden zijn op mijn netvlies gegraveerd, wat was ik dáár
verdrietig van.
Honden die in een kennel zitten en daar de rest van hun leven in zullen
blijven.
Zij krijgen eten en drinken, maar nooit aandacht, daar is geen tijd
voor.
En dat míssen ze juist zo.
Zij kunnen nooit eens lekker ravotten op een veld met hun andere hondenvriendjes.
De enige keer dat zij uit hun kennel mogen is omdat zij dood zijn gegaan
of dood worden gemaakt.
Het is werkelijk zó verschrikkelijk daar, ik moet er vaak aan
denken.
Als ik dan het asiel in Orasje zie, met zoveel liefde van Svjetlana
en Yusuf, dan ben ik blij voor de honden die daar mogen komen.
Elke dag mogen zij uit hun kennel om lekker te rennen en te spelen.
Zij krijgen aandacht en knuffels van Svjetlana, zij doet dit met haar
hele hart.
Het is heel zwaar voor haar, ik heb dan ook veel bewondering voor Svjetlana.
Met deze herinneringen in mijn gedachten gaan we weer op weg, op naar
Nederland.
De terugweg duurde
19 uur door de vele files onderweg.
Gelukkig ging het met de hondjes goed, dat was het belangrijkste.
In Venlo stonden de liefdevolle opvangmensen al klaar om hun opvanghondje
(s) in ontvangst te nemen. Tanja en Eerhard hebben hondje Jelena en
mij in de auto genomen. Jelena werd in Breda opgehaald door haar opvanggezin.
Tegen 01:30 uur was ik thuis en kon ik weer knuffelen met mijn honden
Stein en Harley!!
Die hebben nog nooit zó dicht tegen me aangelegen als die nacht.
?
Suze, Fred en Winan,
ik wil jullie bedanken voor alles.
We hebben een hoop aan elkaar gehad ! XXX |